Wie de namen Geer en Goor hoort,
denkt daarbij direct aan twee mannen

vol bravoure. Toch gaat het in dit geval over twee zeer timide
poezenmeisjes.
Geer (cypers/rood/wit, 1,5 jaar) en Goor (cypers/wit, 3 jaar) zijn
in het asiel terecht gekomen nadat hun baasje is overleden. Aan deze
dames is goed te zien dat elke kat anders op deze situatie reageert.
Goor is erg boos. Had ze eerst een baasje en alle vrijheid, nu is ze
door een stel mensen in een hok gestopt waar ze van alles ruikt en
hoort, maar weinig ziet. Ze is haar vertrouwen in mensen kwijt en
laat dit merken door flink te grommen en te blazen, indien nodig
gevolg door een tik.
Geer lijkt voornamelijk verdrietig over haar nieuwe situatie.
Ongelukkig kijkt ze me aan en zoekt bescherming bij haar grote
stoere zus. Met veel geduld en lieve woordjes weet ik Geer over te
halen om een kriebeltje te komen halen. Voorzichtig mag ik haar
aaien en haar motortje slaat
aan.
Ze trappelt van genoegen met haar pootjes en ik krijg hele zachte
liefdesbeetjes in mijn hand. Om de paar kriebeltjes loopt Geer naar
Goor om haar bemoedigend een likje over haar kopje te geven. Het
lijkt alsof ze zeggen wil: 'Het komt wel goed hoor, zus'.
Dat het goed komt met deze dames,
daar hebben we alle vertrouwen in. Met een hoop liefde en geduld
zullen Geer en Goor weer tot zichzelf komen. Of Goor een schootkat
wordt.... wie zal het zeggen? Bij Geer zit dat er nu al in.
We zoeken voor Geer en Goor een plek met tuin, zonder kleine
kinderen. Grotere kinderen en andere katten zijn geen probleem.
Wie haalt Geer en Goor uit het asiel
en geeft ze de bravoure terug die bij hun namen past?
Anouk
Kist
Terug